• Header-nieuw-groen
  • SONY DSC
  • OLYMPUS DIGITAL CAMERA
  • SONY DSC

Bondgenoten voor de toekomst van de aarde

door Gerard Moorman.

DUIVENDRECHT – In Duivendrecht werd het tweede missietafelgesprek rond het thema Missie en de toekomst van de aarde gehouden. Als het gaat om duurzaamheid en zorg voor de aarde, lopen de kerken zeker niet voorop, is de conclusie. Hoewel de boodschap van Laudato Si’ bij velen wel bekend is, is het nog niet voldoende terug te zien in ons handelen. Daarin zijn nog stappen te zetten.

Het vervolggesprek van de Missietafel over ‘Missie en de toekomst van de aarde’ begon met een reflectie op enkele passages uit Laudato Si’: “Alles staat met elkaar in verband. Wij zijn opgenomen in de natuur, wij zijn een deel ervan en wij zijn ermee verweven. […] Er zijn geen twee crises afzonderlijk, een milieucrisis en een maatschappelijke crisis, maar één complexe sociale crisis en milieucrisis. De richtlijnen voor een oplossing vragen om een integrale benadering om de armoede te bestrijden, de uitgeslotenen hun waardigheid terug te geven en tegelijkertijd voor de natuur te zorgen.” (uit: LS 138 en 139)

Parochietuin Urbanuskerk Duivendrecht
Parochietuin bij de Urbanuskerk in Duivendrecht

We constateerden dat we als missiebeweging en als kerk behoorlijk achterop lopen in het milieudebat. Jongeren zijn vaak veel bewuster bezig met het milieu. Ze voeren actie en zijn goed op de hoogte van kwesties die raken aan voedsel, kleding, vervoer, vervuiling en klimaatverandering. Ze zijn gedreven, want het gaat om hun toekomst.

Armoede en duurzaamheid

De oudere generatie missionarissen was sterk gericht op sociale kwesties als armoede en scholing. De milieuproblematiek kwam pas later in het vizier. We zijn er ons nu wel van bewust, maar vooral nog op theoretisch niveau en niet zozeer vanuit een innerlijke drang. Het lukt ook maar mondjesmaat om inzicht te vertalen in de praktijk. De complexiteit van de milieuproblematiek overweldigt ons soms.

De jongere generatie missionarissen staat hier al anders in. Een jonge Indonesische zuster vertelde hoe ze als novice deelnam aan een ‘Say No to Plastic’-campagne die haar congregatie hield. De zusters gingen van huis naar huis om plastic in te zamelen en mensen bewust te maken van plasticvervuiling. In Ghana heeft een Nederlandse missionaris een ECO-office opgericht die op scholen en in kerken voorlichting geeft over de milieuproblematiek en allerlei schoonmaakacties organiseert, vanuit de gedachte dat zorg voor de schepping een concrete uitdrukking is van ons geloof.

We constateerden dat er spanning is tussen de armoedeproblematiek en duurzaamheid. De armste bevolkingsgroepen, zowel in ontwikkelingslanden als in Nederland, hebben moeite om zichzelf staande te houden. Overleven is prioriteit, het milieu komt dan helemaal niet in beeld. Wat dat betreft is het zonde dat ontwikkelingshulp tegenwoordig wordt afgebouwd. Armoedebestrijding is belangrijk willen we de milieuproblemen oplossen.

Maar zaken als gezondheid, zekerheid en een toekomst voor de jongeren zijn ook voor de armsten van belang. Daar kunnen we als missionarissen en missionaire organisaties een link leggen tussen milieu en armoede.

Praktijk van zorg voor ‘ons gemeenschappelijk huis’

In ontwikkelingslanden is op basaal niveau nog veel werk te verrichten, zoals op het vlak van afvalscheiding. In Nederland is dit er allemaal al. Hier ligt de taak van de kerk eerder op het vlak van bewustwording, het ontwikkelen van een ‘spiritualiteit van verbondenheid’ en een praktijk van ‘zorg voor ons gemeenschappelijk huis’.

Wat dat betreft moet de reflectie die momenteel plaatsvindt op Laudato Si’ vervolg krijgen in concrete stappen. Bijvoorbeeld een moestuin in de kerktuin, waar mensen samenwerken om gezond voedsel te produceren. Het mes snijdt dan aan veel kanten: het is sociaal, goed voor het milieu, therapeutisch, gezond. Allerlei praktische stappen zijn mogelijk, maar die worden nog te weinig gezet.

In onze traditie zijn veel aanknopingspunten daarvoor te vinden. Een sobere levensstijl is voor de meeste missionarissen vanzelfsprekend. We probeerden altijd al om op een niet-materialistische manier te leven. Het gaat ons er niet om steeds meer te vergaren. We zijn altijd al bezig geweest met ‘consuminderen’, ook al noemden we het niet zo. Tegelijk kunnen we kritisch kijken naar ons huidige gedrag. Al het reizen naar internationale bijeenkomsten bijvoorbeeld is helemaal niet goed voor het milieu. Daar moeten we oplossingen voor bedenken.

Holistische benadering

Missie wordt nog steeds teveel gezien als iets geografisch. Missionaire organisaties zijn nog teveel bezig met ‘hier naar daar’: steun aan projecten en uitzendingen. Dat blijft belangrijk, maar missie is ook hier. Heelheid van de schepping is onderdeel van onze missie. We moeten een holistische benadering ontwikkelen van missie. Jongeren vinden ons te passief op het vlak van milieu. We zijn alleen geloofwaardig als we echt in doen en denken zorg dragen voor het milieu. Als kerk moeten we meedoen met hun beweging voor de toekomst, ons opstellen als bondgenoten voor de toekomst van de aarde.

 

bron: knr.nl

 

Het is niet mogelijk nog een reactie te plaatsen.