• Header-nieuw-groen
  • SONY DSC
  • OLYMPUS DIGITAL CAMERA
  • SONY DSC

‘Tien woorden van verbondenheid’

In een eerder bericht meldden we u het ontstaan van een initiatiefgroep  in onze geloofsgemeenschap in deze tijd van coronacrisis. Uit de gesprekken in deze groep, waartoe Cor Arends, het initiatief nam, ontstond een document “Tien woorden van verbondenheid”. Hierbij leggen we u deze gedachten voor  met de dringende vraag ze te doordenken en graag aan te vullen en uit te diepen, dit alles voor de toekomst van onze geloofsgemeenschap in en na de coronacrisis.


voor het leven als geloofsgemeenschap SFX met en na de coronacrisis

Geloofsgemeenschappen zijn ook geraakt door de coronacrisis. Gebruikelijke manieren van samenkomen, vieren, en het geloof delen was niet of veel beperkter mogelijk. We werden sterk op ons zelf teruggeworpen, ieder thuis. Daarmee kwam een proces op gang van bezinning op de vraag wat is waardevol voor ons, wat kunnen we niet missen, wat betekent de geloofsgemeenschap voor ons, en hoe kunnen we verder?

 In deze ‘tien woorden voor een leven in verbondenheid’ willen we een poging doen om te zeggen wat we deze dagen geleerd hebben leren en wat we als waardevol zijn gaan zien. Daarbij kijken we naar wat ons allen verbindt: de Schrift en daarin in het bijzonder het leven, sterven en opstanding van Jezus Christus als levend teken van God, de Geest die nu in ons werkt. Dat verbindt ons als geloofsgemeenschap. Vandaaruit willen we opnieuw verbindingen zoeken naar elkaar en zorg dragen voor de grote vragen die scherper aan het licht zijn gekomen door deze crisis. Graag uw reacties.!

Wat hebben geleerd in deze tijd? 

  1. We werden teruggeworpen op ons zelf.  We werden afgesneden van anderen, we moesten afstand houden, ontmoetingen konden niet meer doorgaan, kerken gingen dicht, diensten werden onmogelijk.

 

  • De aandacht verlegt zich van ‘buiten’ naar ‘binnen’.  We merkten de onrust in onszelf. Augustinus zei : “onrustig is ons hart tot het rust in U.”  Dit op te merken doet ons goed. We willen oefenen in aandacht voor de binnenkamers, ons hart, de ziel vanwaaruit wij leven.

 

  1. Er waren even geen geluiden om ons heen, geen stemmen, geen koor, geen hardop gezegde gebeden.  De stilte kwam om ons heen.

  • De stilte is ons dierbaar geworden.  Andere lagen in onszelf bleken er te zijn: eenzaamheid, verhalen van alles wat we meemaken, vreugde van het moment en wat daarin gebeurt: een kop thee, de zon, de adem die komt en gaat, het hart dat klopt.

 

  • We willen opnieuw de oude tradities van stiltebeoefening oppakken en opnemen als wezenlijk onderdeel van spiritueel gelovig leven. De oude spirituele traditie van de lectio divina willen we opnieuw ter hand nemen.

 

  1. Er waren geen mensen om ons heen.  We misten het contact en de ervaring van verbondenheid. Er leek geen gemeenschap meer te zijn waar wij bij hoorden.  We merkten hoe waardevol al die contacten zijn, elkaar ontmoeten in groepen, in de kerk op de zondagmorgen, de vredeswens uitwisselen, samen koffiedrinken, plannen maken, meeleven bij verdriet.

 

  • We willen zorgvuldig met elkaar omgaan. Aandacht geven en ook ontvangen, aandacht vragen als we zorgen hebben, aandacht geven aan anderen van wie we merken dat ze het moeilijk hebben.

 

  1. De crisis leert ons dat we kwetsbaar zijn, sterfelijk, en vatbaar voor dodelijk gevaar.  De relatie met de natuur en de schepping stond al veel langer onder druk. Nu worden we gedwongen werk te maken van onze verhouding tot de natuur. Wij maken daar deel vanuit, we zijn deel van de schepping.

  • We willen keuzes maken in onze leefstijl. In hoe we wonen, werken, consumeren, mobiliteit en reizen, de aarde minder uitputten. Ook als kerk in het beheer van gebouwen, in investeringen in duurzaamheid.  Het bijbelse jubeljaar, de tienden van ons inkomen Leviticus 27,30; 1 Kor. 16,2)  kunnen inspireren tot concrete daden.

 

  1. De SFX staat niet op zichzelf, ze is onderdeel van de parochie en de katholieke kerk, maar breder ook van de christelijke oecumene.  Die verbondenheid zochten we niet altijd. Maar juist in tijden van isolement misten we elkaar in de stad, kerkelijk en maatschappelijk.

 

  • We willen opnieuw onze betrokkenheid als deel van de grotere gemeenschap vorm geven.  In het SCC, in de caritas, als voorgangers, in onderling contact. Maar ook door aandacht te blijven geven aan wat er gebeurt in Amersfoort, cultureel en maatschappelijke zorg.

 

  1. Teruggeworpen worden op onszelf kan ook leiden tot verstarring, en een reflex van zo spoedig mogelijk willen herstellen van wat we tot voor kort gewend waren.  Als we dat doen, gaan we voorbij aan de kans, de kairos van dit moment.

 

  • We willen de toekomst onder ogen zien. Als vergrijzende gemeenschap met afnemende krachten, willen we de vraag naar onze toekomst opnieuw stellen.

 

  1. De crisis heeft niet voor iedereen dezelfde gevolgen: jongeren worden getroffen in hun baan, en krijgen te maken met studievertraging;  ouderen blijken kwetsbaarder in hun gezondheid, het isolement in verpleeghuizen was groot; vele jongeren kwamen in financiële moeilijkheden, of verloren hun baan. De voedselbank kreeg veel meer aanvragen.

 

  • We gaan het gesprek aan met elkaar, specifiek gericht op de verschillende leeftijdsgroepen om te leren over wat nu nodig is voor een leven waarin spiritualiteit en solidariteit centrale waarden zijn.  Jongeren, ouders met kinderen, ouderen alleen – allen werden op verschillende manieren getroffen. Wat betekent dat voor hun toekomstige leefstijl en hoe kan een kerk solidair zijn?

 

  1. De crisis was wereldwijd. Het antwoord erop was dat niet.  Grenzen sloten en het was ieder voor zich. Intussen ging het oorlogsgeweld in Syrie door; de vluchtelingen op Lesbos bleven verstoken van hulp; kinderen in de kampen werden niet toegelaten tot Nederland.

 

  • De aandacht zal blijven bij noden ver weg, en waar mogelijk zullen wij concrete projecthulp bieden en onze stem laten horen naar de politiek

 

  1. Er was tijd, tijd om ons te realiseren wat echt belangrijk voor ons is. Wat ons bijeen brengt als geloofsgemeenschap.

 

  • We willen het gesprek zoeken over onze bronnen : de Schrift en daarin de verhalen van de profeten, van Jezus Christus en de eerste gemeentes. Hun weg is ook de onze. Hun woorden halen ons weg uit onze eigen beperkte zicht.   Daarbij willen we waar mogelijk samen optrekken met andere kerken en religies.

 

  1. We gingen massaal onze huizen opruimen!  Dat was een teken dat we niet alles meer hoeven te hebben. Er kwam letterlijk ruimte om ons heen.

 

  •  We willen oefenen in soberheid, in zorgvuldig leven met wat waardevol is voor ons, zonder jaloezie of hebzucht.  Delen wat we hebben, kortom oog en oor te zijn voor de ander naast ons, veraf en dichtbij.

 

Reacties kunt u sturen naar Cor Arends, arends2@xs4all.nl

Het is niet mogelijk nog een reactie te plaatsen.